Beleidsplan


Pedagogisch beleid “Paardrijden zonder beperkingen”

Inleiding

Een plek waar je je beperking kan vergeten!

Dit pedagogisch beleid is opgesteld voor Stichting De Stalvrienden in mei 2018. In dit beleid wordt beschreven wat hun missie, visie en doelstellingen zijn. Daarnaast worden de krachten van De Stalvrienden besproken. Vervolgens wordt er ingegaan op hoe wij de veiligheid waarborgen. Tot slot gaan we in op de protocollen rondom alcohol, drugs en medicijnenmisbruik.

Inhoud

Missie, visie en doelstelling  4

De krachten van Stichting De Stalvrienden  5

Creëren van veiligheid voor ruiters, paarden en begeleiders  6

Protocollen voor alcohol, drugsgebruik en medicijnenmisbruik  9

 

 

   Missie, visie en doelstelling

Stichting De Stalvrienden maakt paardrijden mogelijk voor mensen met een beperking. Dit kan een lichamelijke beperking, chronische ziekte, verstandelijke beperking, meervoudig complexe handicap, autisme, ADHD of een zintuigelijke beperking zijn.

Missie

De missie van Stichting de Stalvrienden is het mogelijk maken van paardrijden voor mensen met een beperking. Hierbij staat de ontspanning van de ruiter centraal.

Visie

De visie is dan ook het paardrijden mogelijk maken voor iedere ruiter met een beperking. Dit kan een lichamelijke beperking, revalidatie, chronische ziekte, een verstandelijke beperking, meervoudig complex gehandicapten, autisme, ADHD of een zintuiglijke beperking zijn.

 

Het paardrijden zorgt voor een therapeutische werking voor onze ruiters. Door het contact met het paard ervaren ze ontspanning. Daarnaast draagt het bij aan de sociaal-emotionele en motorische ontwikkeling.

 

Dit kan mogelijk gemaakt worden door de ervaren instructeurs die de instructeurs opleiding hebben aangevuld met een opleiding van de Federatie Paardrijden

 

Gehandicapten (FPG). Jaarlijks worden ze bijgeschoold op diverse gebieden, zowel voor omgang met de ruiter (bijscholing over o.a. diverse ziektebeelden en het begeleiden hiervan) als specifiek voor het inzetten van paarden voor deze doelgroep (bijscholing over o.a. aanpassingen en hulpmiddelen, bijtrainen van de paarden, enz.).

 

Het welzijn van de paarden en ruiters staat voorop door in te spelen op individuele behoeftes waar het plezier centraal staat. Daarnaast wordt er eventueel gewerkt aan persoonlijke doelen van de ruiter. De medewerkers garanderen een respectvolle sfeer en een veilige omgeving. Iedere ruiter wordt gezien als een bijzonder individu bij De Stalvrienden door in te spelen op zijn/haar behoeftes in de lessen.

 

Naast de instructeurs heeft De Stalvrienden een uitgebreid team van vrijwilligers die assisteren bij de lessen, de paarden verzorgen of zitting hebben in het bestuur. Alle vrijwilligers zijn in het bezit van een VOG. Vrijwilligers die assisteren bij de lessen hebben ruime ervaring met paarden en paardrijden.

 

Doelstelling

De doelstelling is de aangepaste lessen aan te bieden voor het tarief dat in normale maneges betaald wordt. Er is daarom ondersteuning nodig van sponsors om de benodigde oplossingen voor de doelgroep te kunnen bekostigen.

 

    De krachten van Stichting De Stalvrienden

Stichting de Stalvrienden heeft een groot aantal krachten met verschillende aanpassingsmogelijkheden die het mogelijk maken om iedereen met plezier te laten paardrijden.

 

Middelen:

Een klittenband zadel voor optimale ondersteuning.

Het westernzade dat bijdraagt aan steun.

Het barebackzadel is licht en zorgt voor contact met het paard met de nodige steun.

Het normale zadel en de normale teugel voor de ruiters die zelfstandig op het paard kunnen zitten en rijden.

 

De kleurenteugel laat duidelijk zien waar de ruiter de teugel moet vasthouden.

De een-handsteugel voor de ruiter die niet met twee handen kan rijden.

De handvatensingel met pad waardoor de ruiter vrij op de rug van het paard zit en zich kan vasthouden.

 

Een bodyprotector (met handvaten) waarborgt de veiligheid voor ruiter en medewerkers.

De beugelkapjes zorgen ervoor dat de voeten niet door de beugels schieten.

 

De tillift voor ruiters die niet zelfstandig kunnen opstappen.

Backriding, de instructeur zit samen met de ruiter op het paard voor extra ondersteuning

Het opstapperron zorgt voor een veilige manier van opstappen.

 

Paarden:

De paarden zijn geschikt voor het werken met ruiters met een beperking doordat ze een rustig karakter hebben en goed getraind zijn.

 

Paardrijden kan ook een therapeutische werking hebben, bijvoorbeeld:

Autisme: paarden kunnen de prikkelverwerking en motoriek stimuleren en nodigen uit tot contact.

Spasme: door de beweging van het paardrijden ontspannen de spieren, waardoor de spasticiteit vermindert.

Rolstoelproblematiek: paardrijden vermindert o.a. scoliose en stoelgangproblematiek, daarnaast worden rompspieren gebruikt wat een positief effect heeft op de ruggengraat.

Revalidatie: spieren worden geactiveerd zonder het lichaam veel te belasten.

 

De manege De Schietberg, waar de Stalvrienden zich bevindt, beschikt over een grote rij hal binnen en over buitenbakken. Daarnaast is de manege omringt door een bosrijke omgeving waar buitenritten worden gemaakt en de ruiters volledig tot rust kunnen komen.

 

   Creëren van veiligheid voor ruiters, paarden en begeleiders

Veiligheid staat centraal

Huisregels

Voor ruiters, publiek, begeleiders en eigenaren van paarden en pony’s gelden bij De Stalvrienden een aantal huisregels om de veiligheid te waarborgen en het rij-plezier te kunnen behouden.

Omdat met paarden gewerkt wordt, wijst de Stalvrienden er uitdrukkelijk op dat het paardrijden risico’s tot ongelukken met zich meebrengt. De Stalvrienden aanvaardt geen aansprakelijkheid bij ongelukken.

 

Voor iedereen geldt:

Toeschouwers dienen zich rustig te gedragen en mogen zich niet met de gang van zaken in een les bemoeien.

Niet rennen en schreeuwen op stal. Ook rond de rijbaan dient er rust te zijn.

Er mag in en om de stallen en te paard niet gerookt worden.

Aanwijzingen van het stalpersoneel en instructeurs dienen door iedereen opgevolgd te worden.

De stalgangen dienen altijd netjes te zijn; harnachement en gereedschap moet altijd direct na gebruik worden opgeruimd.

Gebruik van tillift en opstapperron is alleen bedoeld voor ruiters die deze hulpmiddelen nodig hebben en hun eventuele begeleiders.

Ruiters, ouders en begeleiders mogen nooit zonder toestemming van personeel de staldeuren opendoen, in de stal lopen of het paard eruit halen.

Onze paarden zijn dol op eten! Maar om te zorgen dat alle vingers bespaard blijven, mag je hun lekkernij alleen in de voerbak gooien (dus niet uit je hand laten eten). Toegestaan: appels, wortels, gedroogd brood en                                                                                                     paardensnoepjes.

Klanten en vrijwilligers mogen alleen de paarden en pony’s poetsen, van en naar de stal begeleiden en op- en afzadelen als dit onder toezicht van stalpersoneel of instructeurs gebeurt.

Als de kantine open is, kunt u hier terecht en eventueel een consumptie nuttigen.

Het paardrijden, rondlopen in en rondom de stallen en aanverwante zaken geschiedt op geheel eigen risico. Noch de manege noch stichting de Stalvrienden kunnen aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade.

Het dragen van een (CE goedgekeurde) veiligheidshelm is verplicht.

Alcohol- en/of drugsgebruik voor of tijdens het paardrijden is niet toegestaan.

Bij het rijden dienen de schoenen ruim in de stijgbeugel te zitten. Bij zeer brede (orthopedische) schoenen, dienen verbrede stijgbeugels gebruikt te worden. Deze zijn aanwezig bij Stichting De Stalvrienden.

Bij het rijden dienen alle ruiters rijlaarzen te dragen of stevige schoenen met een gladde doorlopende zool en een hak om te voorkomen dat je voet vast in de beugel.

blijft zitten, gecombineerd met chaps. Het dragen van open schoenen/sandalen is niet toegestaan. Verder een paardrijbroek of andere (lange) broek die lekker zit.

Bij het rijden dienen grote, uitstekende sieraden en te losse kleding te zijn af- c.q. uitgedaan. Jassen en bodywarmers zijn bij voorkeur dichtgedaan.

Iedere nieuwe ruiter/klant krijgt een intakegesprek alvorens de proefles zal plaatsvinden.

De ruiter is verplicht gezondheidsklachten te melden aan onze instructeur. De ruiter/verzorger is zelf verantwoordelijk voor de aanwezigheid van medicijnen, die in geval van acute situaties (hart, diabetes, allergie, epilepsie e.d.) nodig zijn.

De rijkunst/ervaring van nieuwe klanten wordt in de praktijk beoordeelt door de instructeur. Deze deelt ruiters naar hun niveau in bij de verschillende lessen.

Iedere ruiter dient een inschrijfformulier ingevuld en ondertekend te hebben.

Ruiter/ wettelijk vertegenwoordiger geeft iedere relevante wijziging m.b.t. de ruiter steeds zo spoedig mogelijk aan de Stalvrienden door

 

Rijbaanregels

Naast de huisregels heeft De Stalvrienden ook een aantal rijbaanregels opgesteld zodat ook in de bak voor de veiligheid van ruiter, begeleider en paard gezorgd wordt.

Het voornemen om in of uit de rijbaan te gaan, moet luid worden aangekondigd en hiervoor moet toestemming zijn gevraagd.

Opstijgen en afstappen gebeurt bij voorkeur op de AC-lijn. Of bij het opstapperron of tillift welke zich bij de zijingang van de Stalvrienden bevindt.

De combinatie die op de linkerhand rijdt heeft bij het passeren, voorrang op de hoefslag ( dus rechts houden).

Degene die een snellere gang heeft en/of zijgangen rijdt heeft altijd voorrang.

Niet snijden en elkaar de ruimte geven bij het passeren.

Het springen over een hindernis moet worden aangekondigd als er ook andere ruiters in de rijbaan rijden.

Longeren gebeurt bij voorkeur in de longeercirkel (binnen of buiten). Bij longeren in de rijbaan dient dit aangekondigd te worden als er ook andere ruiters in de rijbaan rijden.

Het losgooien van de paarden is alleen toegestaan als de rijbaan geheel vrij is. De eigenaar dient hierbij toezicht te houden op zijn of haar paard/pony.

 

Telefoonnummers en hulpdiensten

Stichting de Stalvrienden vindt het belangrijk alle telefoonnummers die van belang zijn van de ruiter ter beschikking te hebben. Zo kan er snel gehandeld worden. Dit overzicht hangt in de zadelkamer en is voor iedereen toegankelijk.

 

Ongevallen registratie

In de ongevallen registratie wordt beschreven wanneer een ongeval heeft plaatsgevonden, bij welke instructeur, met welk paard, wat voor (mogelijk) letsel er is, welke nazorg nodig is en hoe deze situatie in de toekomst voorkomen kan worden.

 

Preventie misbruik

Stichting De Stalvrienden verwacht dat er bij vermoedens of bij zekerheid van misbruik er een melding gemaakt wordt bij het bestuur.

Voorbeelden:

Lichamelijke mishandeling, knijpen of slaan.

Geestelijke mishandeling, schelden of angst zaaien.

Seksueel misbruik.

Jouw gevoel is richtinggevend: je voelt meestal wel aan wanneer iets niet klopt.

 

Melden van misbruik

In eerste instantie wordt er een melding gedaan bij de beheerder van de Stalvrienden. Als dit te gevoelig ligt, kan contact opgenomen worden met de vertrouwenspersoon van de Stalvrienden.

 

Beheerder: Marieke Hendrikx,

Telefoon: 0622999574

Email: marieke.hendrikx@stalvrienden.nl

 

Vertrouwenspersoon: J.P.G. (Jo) de Haan

Telefoon: 0497512270

Email: jo.dehaan@hetnet.nl

 

In principe geldt dat bij een reëel vermoeden van misbruik, het bestuur van de Stalvrienden altijd de ouders/ wettelijk vertegenwoordigers en de autoriteiten hiervan op de hoogte stelt

 

Foutieve melding

Als er sprake is van een loos-alarm, zorgt de Stalvrienden dat de melding netjes wordt afgerond.

We hebben liever dat er sprake is van een loos-alarm, dan dat we te laat zijn en achteraf (verder) misbruik hadden kunnen voorkomen.

 

Maatregelen om misbruik te voorkomen

Iedereen is verplicht in het bezit te zijn van een VOG (Verklaring Omtrent Gedrag) die werkzaam is bij de Stalvrienden. Om de drie jaar dient een nieuwe VOG aangevraagd te worden.

 

Minimaal een keer per jaar, of indien nodig eerder, heeft het bestuur rechtstreeks overleg met de vertrouwenspersoon. Die geeft dan anoniem verslag van eventuele meldingen en verstrekt het bestuur eventuele adviezen;

 

Tuigcontrole: er wordt door de medewerkers van de Stalvrienden gezorgd dat alle materialen schoon en veilig voor gebruik zijn.

 

Beleid misbruik van alcohol, drugs en medicijngebruik:

Bij Stichting de Stalvrienden is het verboden om alcohol en drugs te nuttigen. De instructeurs

hebben het recht ruiters te weigeren wanneer er sprake is van alcohol, drugsgebruik en/of medicijnenmisbruik. Hiervan zou een melding gemaakt worden bij de beheerder, Marieke Hendrikx.

 

Voor de officiële protocollen, zie de bijlagen op pagina 9.

 

   Protocollen voor alcohol, drugsgebruik en medicijnenmisbruik

Het beleid bestaat uit 4 elementen:

  1. Een protocol
  2. Voorlichting en onderricht
  3. Een klachtenregeling en een vertrouwenspersoon
  4. Delegatie toezichthoudende taak

 

PROTOCOL ALCOHOL- EN DRUGSMISBRUIK

Het beleid aangaande alcohol- en drugsmisbruik zal jaarlijks worden geëvalueerd en zonodig aangepast.

 

Dit protocol richt zich op 2 aandachtsgebieden:

Het voorkomen van de schadelijke gevolgen als gevolg van het onder invloed zijn van alcohol en/of drugs tijdens het uitoefenen van werkzaamheden.

Het voorkomen van ongewenst gedrag bij het nuttigen van alcohol onder recreatieve omstandigheden (in de kantine, bij evenementen).

 

  1. ALCOHOL EN DRUGS TIJDENS HET UITOEFENEN VAN WERKZAAMHEDEN

Het nuttigen van alcohol en drugs, evenals het onder invloed zijn van alcohol en drugs tijdens het uitvoeren van werkzaamheden (inclusief paardrijden) wordt binnen de onderneming niet getolereerd.

 

1.1. Toezicht

Toezicht omtrent het onder invloed zijn van alcohol en drugs wordt gehouden door Marieke Hendrikx, die op dat moment namens Stichting de Stalvrienden optreedt.

Alle aanwezige medewerkers hebben een meldplicht als er een vermoeden bestaat van alcohol- en/of drugsmisbruik. Melding kan plaatsvinden bij Marieke Hendrikx.

 

1.2. Sancties

Wanneer vast is gesteld (of een zeer sterk vermoeden bestaat) dat er sprake is van alcohol- en/of drugsgebruik/-misbruik dan is stichting de Stalvrienden genoodzaakt sancties te treffen. In eerste instantie zal betrokken persoon geen werkzaamheden mogen uitoefenen. Afhankelijk van de ernst van de situatie kunnen de vervolgstappen zijn:

–           een gesprek

–           een waarschuwing

–           een berisping

–           overplaatsing

–           schorsing, ontslag of ontzegging toegang tot het bedrijf

 

  1. ALCOHOLGEBRUIK BIJ RECREATIEVE OMSTANDIGHEDEN

In de kantine worden geen alcoholische dranken geschonken.

De verkoop van of het gebruik van drugs (soft- en harddrugs) is niet toegestaan.

 

2.1. Toezicht

Het is de verantwoordelijkheid van de kantinemedewerkers om erop toe te zien dat de consumptie van alcohol niet leidt tot ongewenste situaties. Het is verboden voor personen onder de 16 jaar om alcohol te nuttigen (ook niet onder begeleiding van een volwassene). Als het gedrag daartoe aanleiding geeft dan dient het verder nuttigen van alcohol te worden ontzegd en bij aanhoudende misdragingen (na een waarschuwing) de betreffende perso(o)n(en) te worden verzocht het bedrijf te verlaten.

Zonodig collega’s inschakelen of 112 bellen voor assistentie (zie verder protocol “ongewenst gedrag”).

 

2.2. Sancties

Verdere sancties kunnen zijn

–           een gesprek

–           een waarschuwing

–           een berisping

–           overplaatsing

–           schorsing, ontslag of ontzegging toegang tot het bedrijf

E.e.a. is afhankelijk van of er sprake is van eigen medewerkers, klanten, vrijwilligers of bezoekers.

 

Voorlichting en trainingen

Tijdens het regulier werkoverleg zal het protocol door leidinggevende (Marieke Hendrikx) met alle betrokkenen worden besproken en uitgelegd.

Met alle nieuwe medewerkers (vrijwilligers) wordt het protocol besproken.

 

Dit protocol wordt tenminste 1x per jaar herhaald of als het protocol is veranderd.

 

Indien noodzakelijk (bijv. n.a.v. de risico-inventarisatie, audits e.d.) zullen medewerkers van de Stalvrienden worden getraind in het uitvoeren van dit protocol.

 

Specifieke doelgroepen krijgen aanvullende trainingen. Deze doelgroepen zijn:

– horecamedewerkers (ook vrijwilligers)….omtrent agressie door derden (bezoekers)

– instructeurs….. agressie/intimidatie bij groepen

– medewerkers bij evenementen……groepsgedrag

 

Klachtenregeling en vertrouwenspersoon

  1. Vertrouwenspersoon.

Stichting de Stalvrienden heeft t.b.v. eigen werknemers een onafhankelijke vertrouwenspersoon aangesteld. Dit is Jo de Haan, bereikbaar onder tel.nr. 0497-512270.

 

De vertrouwenspersoon zorgt voor opvang, emotionele ondersteuning en advisering van medewerkers/ vrijwilligers. De vertrouwenspersoon behandelt de vragen en problemen van werknemers die zich bij haar/hem melden, vertrouwelijk en anoniem. De vertrouwenspersoon heeft een beroepsgeheim en zal alleen op verzoek van de werknemer de kwestie aankaarten bij de werkgever, collega’s of andere disciplines.

De vertrouwenspersoon adviseert tevens welke formele stappen men kan ondernemen, binnen of buiten de organisatie.

 

 

  1. Commissie

Eigen werknemers met verslavingsproblematiek worden besproken in een commissie. Deze bestaat uit bestuur, direct leidinggevende /toezichthouder en de vertrouwenspersoon. Bij verzuim zal tevens de bedrijfsarts betrokken worden.

Deze commissie heeft als doel de reïntegratie van betrokkene te begeleiden (indien dit mogelijk is).

De commissie stelt zijn bevindingen schriftelijk vast in een voortgangsrapportage.

 

De vertrouwenspersoon vertegenwoordigt hierbij de belangen van het slachtoffer en houdt deze op de hoogte van de stand van zaken.

 

Delegatie toezichthoudende taak

Toezicht op het gedrag van personen binnen de organisatie is gedelegeerd aan beheerder en instructeurs. Deze perso(o)n(en) vertegenwoordigen Stichting de Stalvrienden.

De verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn opgenomen in de functie-omschrijving. Hierin is de optredingsbevoegdheid vastgelegd m.b.t. ongewenst gedrag bij alcohol- en drugsgebruik van eigen personeel/vrijwilligers alsmede derden.

 

Deelname aan het verkeer valt buiten de invloedsfeer van dit protocol. Het wijzen op de risico’s van verkeersdeelname alsmede het aanbieden of regelen van alternatief vervoer (op kosten van betrokkene) valt binnen de beoordelingssfeer van de toezichthouder. Bij het afslaan van dit aanbod is betrokkene zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor de gevolgen van zijn handelen.

 

Protocol medicijn gebruik. Bepaalde medicijnen kunnen onveilige situaties veroorzaken op en rond de paarden bij stichting De Stalvrienden. Om deze onveilige situaties te voorkomen is er een protocol opgesteld voor het gebruik van medicijnen die bijvoorbeeld en bewustzijn of rijvaardigheid kunnen beïnvloeden. Deze protocollen zijn er zowel voor ruiters, werknemers, vrijwilligers en begeleiders.

 

Het beleid bestaat uit 4 elementen:

  1. Een protocol
  2. Voorlichting en onderricht
  3. Een meldingsprocedure
  4. Delegatie toezichthoudende taak

 

PROTOCOL MEDICIJNGEBRUIK

Het beleid aangaande het gebruik van medicijnen die het bewustzijn, het reactievermogen en/of de rijvaardigheid beïnvloeden zal jaarlijks worden geëvalueerd en zo nodig aangepast.

Medicijnen die het bewustzijn, het reactievermogen en/of de rijvaardigheid beïnvloeden worden door een arts voorgeschreven en de verpakking is voorzien van een gele sticker. De bijwerkingen van deze medicijnen kunnen zijn sufheid, verlies aan concentratievermogen, duizeligheid en soms zelfs roekeloos gedrag.

Bij bepaalde werkzaamheden kunnen deze medicijnen tot onaanvaardbare risico’s leiden. Stichting de Stalvrienden is verantwoordelijk voor de veiligheid en gezondheid van alle personen die werkzaamheden uitoefenen (onder zijn gezag) op manege de Stalvrienden.

Om aan deze zorgplicht te kunnen voldoen is het van belang dat de beheerder (Marieke Hendrikx) geïnformeerd wordt door de medewerkers als medicijnen die het bewustzijn, het reactievermogen en/of de rijvaardigheid beïnvloeden worden gebruikt. De beheerder (Marieke Hendrikx) dient dan te overwegen of het verantwoord is betrokkene bepaalde werkzaamheden al dan niet te laten uitoefenen.

De volgende werkzaamheden mogen niet worden uitgevoerd bij genoemd medicijngebruik, behalve als een arts anders aangeeft (de uiteindelijke beslissing ligt altijd bij stichting de Stalvrienden):

Besturen van vervoermiddelen op het terrein en de openbare weg (bijv. trekkerrijden, heftruckrijden, personen- en dierenvervoer).

Gebruik aangedreven machine en handgereedschappen (bijv. kettingzaag, slijptol, motormaaier).

Werkzaamheden waarbij persoonlijke beschermingsmiddelen gedragen moeten worden.

Paardrijden (zie ook uitzonderingsclausule).

 

Aansprakelijkheid en sancties

Stichting de Stalvrienden kan zijn zorgplicht niet vervullen als betrokkene informatie over medicijngebruik achterhoudt. De verantwoordelijkheid m.b.t. de melding ligt bij betrokkene en dus ook de aansprakelijkheid voor eventuele nadelige gevolgen als gevolg daarvan.

Als het toezichthouder het vermoeden heeft dat er bij een medewerker sprake is van het gebruik van medicijnen die het bewustzijn, het reactievermogen en/of de rijvaardigheid beïnvloeden dan zullen de volgende stappen worden doorlopen:

betrokkene wordt onmiddellijk vrijgesteld van risicovolle werkzaamheden.

een gesprek om vast te stellen of er sprake is van medicijngebruik.

afspraken m.b.t. de inzetbaarheid van betrokkene

bij eigen werknemers wordt de bedrijfsarts geraadpleegd

bij niet-werknemers (vrijwilligers e.d.) wordt men verwezen naar de huisarts om

vast te stellen wat wel en niet kan.

 

Als er sprake is van schade of letsel omdat een medewerker, vrijwilliger of werknemer het melden van medicijngebruik heeft verzuimd dan kunnen de volgende sancties worden toegepast (e.e.a. afhankelijk van de ernst van de situatie):

een waarschuwing

een berisping

schorsing, ontslag of ontzegging van toegang tot het bedrijf

juridische procedures

Alle mogelijk te treffen sancties worden eerst besproken in een commissie bestaande uit beheerder en bestuur van de Stalvrienden,  betreffende toezichthouder en op indicatie een vertrouwenspersoon en/of bedrijfsarts.

VOORLICHTING EN ONDERRICHT

Tijdens het regulier werkoverleg zal het protocol door beheerder en evt. bestuur van de Stalvrienden, met alle betrokkenen worden besproken en uitgelegd.

Met alle nieuwe medewerkers (vrijwilligers) wordt het protocol besproken.

Voorlichting over dit onderwerp wordt 1x per jaar herhaald of als het protocol is veranderd.

Indien noodzakelijk (bijv. n.a.v. de risico-inventarisatie, audits e.d.) zullen medewerkers van de Stalvrienden worden getraind in het uitvoeren van dit protocol.

 

MELDINGSREGELING

Bij het gebruik van medicijnen die het bewustzijn, het reactievermogen en/of de rijvaardigheid beïnvloeden wordt van betrokkene verwacht dit te melden aan de leidinggevende/ beheerder.

De leidinggevende/ beheerder dient vervolgens stappen te ondernemen om de veiligheid van betrokkene te waarborgen. In overleg kan worden vastgesteld welke werkzaamheden wel en vooral niet uitgeoefend kunnen worden.

De afspraken worden schriftelijk vastgelegd en pas opgeheven als een arts verklaart dat de bijwerkingen van de medicijnen zijn opgeheven.

Vertrouwenspersoon en/of bedrijfsarts

In sommige gevallen zal de participatie van een vertrouwenspersoon, en als er sprake is van (dreigend) verzuim de bedrijfsarts, geïndiceerd zijn. Te denken valt aan medicijngebruik n.a.v. psychische stoornissen (bijv. werkstress), echtscheiding, emotionele reacties (sterfgeval) enz.

Voor eigen personeel is een onafhankelijke vertrouwenspersoon aangesteld. Dit is Jo de Haan, bereikbaar onder tel. nr. 0497-512270.

De vertrouwenspersoon behandelt de vragen en problemen van werknemers die zich bij haar/hem melden, vertrouwelijk en anoniem. De vertrouwenspersoon heeft een beroepsgeheim en zal alleen op verzoek van de werknemer de kwestie aankaarten bij de werkgever, collega’s of andere disciplines.

 

De werkgever kan eigen werknemers verwijzen naar het spreekuur van de bedrijfsarts. De bedrijfsarts adviseert zowel de werkgever als de werknemer.

 

 

DELEGATIE TOEZICHTHOUDENDE TAAK

Toezicht op het gedrag van personen binnen de organisatie is gedelegeerd aan beheerder/leidinggevende/instructeurs. Deze perso(o)n(en) vertegenwoordigen stichting de Stalvrienden.

De verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn opgenomen in de functie-omschrijving. Hierin is de optredingsbevoegdheid vastgelegd m.b.t. ongewenst gedrag bij medicijngebruik van eigen personeel/vrijwilligers alsmede derden.

Deelname aan het verkeer valt buiten de invloedsfeer van dit protocol. Het wijzen op de risico’s van verkeersdeelname alsmede het aanbieden of regelen van alternatief vervoer (op kosten van betrokkene) valt binnen de beoordelingssfeer van de toezichthouder. Bij het afslaan van dit aanbod is betrokkene zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor de gevolgen van zijn handelen.

 

UITZONDERINGSCLAUSULE

Betreffende het bovenstaande dient voor de volgende groepen een uitzondering te worden gemaakt;

  1. gehandicapten

Voor gehandicapten geldt een uitzonderingsregeling als het gaat om het paardrijden.

Tijdens de toelatingsprocedure wordt getoetst of het medicijngebruik van de aangemelde gehandicapte verenigbaar is met verantwoord en veilig paardrijden. Indien nodig zullen extra voorzieningen worden getroffen (bijv. extra begeleiders) om het paardrijden mogelijk te maken.

Stichting de Stalvrienden behoudt zich het recht voor een gehandicapte het paardrijden te ontzeggen mocht blijken dat, door het medicijngebruik, de risico’s onaanvaardbaar hoog zijn.

Bij wisselingen in het medicijngebruik dienen de instelling; ouders; verzorgers dit kenbaar te maken om zodoende de risico’s opnieuw te kunnen beoordelen.